A Masterly Hand / Scientia Artis 9
39 Peter te Poel 1 38 zou zijn geweest en mogelijk in Nijmegen had verbleven. Het Christoffelbeeld van Heinsberg zou iets later zijn ontstaan dan de Luikse Maria met Kind, maar werken uit een vroegere periode zijn in de omgeving van Roermond naar zijn oordeel niet te vind en. 86 De ze vaststelling van Gorissen uit 1972 was de laatste van enkele tegenstrijdige dateringen voor zowel het oeuvre, als voor de vesti- ging van de meester in Roermond. Lemmens en De Werd plaatsten het Luikse beeld in een betrekkelijk late periode van het atel ier. 87 Vo lgens hen zouden de meeste werken uit de eerste twee decennia van de zestiende eeuw dateren. Didier, die het jaar 1523 in de tentoonstellingscatalogus van Sint-Truiden even- eens als ijkdatum hanteerde, wijzigde de datering 1523 na de tentoonstelling terloops in 1525 zonder precies aan te geven welke bron aan deze wijziging ten grondslag l ag. 88 V ermoedelijk is de informatie afkomstig van een verslag van het KIK uit 1968 over de restauratie van het beeld uit Luik, waarin geen melding wordt gemaakt van een jaartal 1523 gesneden in de acht erzijde, maar wel van de datering 1525 op de polychromie van het werk (afb. 1. 30). 89 Aa n de hand van recente observaties kon inderdaad worden bevestigd dat het jaartal 1525 deel uitmaakt van de originele polychromie. Een vroeger ontstaan van het houtsnijwerk mag om die reden niet worden uitgesloten, aangezien het beeld ook jaren later kan zijn gepolychromee rd. 90 Het andere jaartal 1545 van een apostelbalk met Calvariegroep in Barmen introduceerden Lemmens en De Werd als ijkdatum in hun tentoonstellings catalogus uit 1974 (afb. 1.31-1.3 2). 91 Vo or deze onderzoekers kondigde dit ensem- ble als een van de laatste Elsloowerken het einde van de werkzame periode van het atelier aan. Over de toeschrijving van deze werken aan het Elsloo-atelier laten ze zich in hun catalogus uiterst summier uit. Zo luidt het korte bijschrift onder de afbeelding van de apostelbalk met de Kruisigingsgroep: ‘Calvarie- groep 1545, Barm en’. 92 D it bijschrift komt over alsof de onderzoekers enkel de Calvariegroep als een Elsloowerk beschouwen, terwijl ze in hun inleidende tekst van ‘de apostelbalk met calvariegroep […] uit 1545’ spreken. Het is even- min duidelijk welke motieven tot deze toeschrijving hebben geleid. Misschien zagen Lemmens en De Werd stilistische parallellen tussen de Calvariegroep op de apostelbalk van Barmen en die in Beek. Tijdens enkele bezoeken aan de kerk van Barmen in het kader van het recente interdisciplinaire onderzoek, werd geconstateerd dat het jaartal 1545 niet in het hout van de balk is aange- bracht, maar in een stenen console onder de apostelbalk. Het spreekt dus niet vanzelf dat het jaartal 1545 op de apostelbalk van toepassing is. Maar de renaissancistische motieven, zoals de balusterzuiltjes van de nissen met de half- figurige apostelen in reliëf, laten eventueel toe een ontstaan van het werk in het midden van de zestiende eeuw te veronderstellen. Het is echter de vraag of het volstaat om de apostelbalk en/of de beelden louter op stilistische gronden aan het Elsloo-atelier toe te schrijven, laat staan om vervolgens het jaartal 1545 op een stenen console onder de balk als ijkdatum te gebruiken voor de werkzame periode van het Elsloo-atelier. Deze vraag klemt te meer, daar het geheel van apostelbalk met beelden de indruk wekt te zijn samengesteld. Zo steken de voetstukken van de beelden van Maria en Johannes verdacht veel over de balkrand uit, waardoor het er alle schijn van heeft dat deze werken en de apostelbalk oorspronkelijk niet bij elkaar hoorden of anders gezegd niet 1.30 1.31 Afb. 1.30 Maria met Kind op de maansikkel, Luik, Sint-Jacobskerk, jaartal 1525 op de rugzijde Afb. 1.31 Console van apostelbalk, Barmen, Sint-Martinuskerk, jaartal 1545
Made with FlippingBook
RkJQdWJsaXNoZXIy MjI3OTg=